Marokko in de Amerikaanse archieven (1981-1988)
De diplomatieke archieven van de Verenigde Staten inzake Noord Afrika tussen 1981 en 1988 zijn onlangs openbaar gemaakt. Documenten gaan over Marokko en over de buurlanden. Zo is te lezen in een bericht uit 28 april 1981 dat het Witte Huis onder Ronald Reagan naar een verzoening tussen Marokko en Algerije streefde. De Amerikanen waren bereid transport vliegtuigen van het type C130 aan de toenmalige Algerijnse president Chadli Bendjedid (1929-2012) te leveren als hij de gestaakte onderhandelingen hervat. De Algerijnen hadden toen al de hoop opgegeven dat ze ooit de monarchie in Marokko omver konden werpen.
De documenten beschrijven Chadli Bendjedid door de ogen van diplomaten uit de buurlanden. Zo vonden Tunesiërs hem een geloofwaardige politieke leider die een pragmatische koers vaart. Maar hij was omringd door hardliners. Ze hebben een dubieuze rol gespeeld bij de terreuraanslag op Gafsa georganiseerd door Kadhafi. Die wilde de Tunesiërs zijn politieke wil opdringen. Ze gingen niet in op zijn uitnodiging voor een mislukte Afrikaanse top in Tripoli waar ook de “Arabische Republiek van de Westelijke Sahara” werd uitgenodigd. Hij was tevens in oorlog met Sjaad en was de belangrijkste sponsor van Polsario tegen Marokko. Hij kon de oorlog financieren dankzij olie. Hassan II vroeg de Amerikanen om een embargo.
Er kwam een abrupt einde aan het tijdperk Bedjedid toen het eenpartijstelsel gedomineerd door het FNL uit elkaar viel. Andere groeperingen zoals de islamisten kwamen op. Hun winst in de verkiezingen van 1990 werd gevolgd door een tien jaar durende burgeroorlog. De militaire harliners kregen hun zin door de rol te spelen van de beschermers van het volk tegen terrorisme.
De beste bondgenoot van de Tunesiërs in die jaren was Marokko. Hassan II stuurde een militair vliegtuig met reservisten om Bourguiba de ontzetten toen Kadhafi zijn mislukte coup in Gafsa pleegde. Maar de strategen in Tunis begrepen snel dat goede banden met Algerije een garantie zijn voor hun veiligheid. De huidige president Kaïs Saïed heeft sinds de mislukte Arabische Lente in zijn land een schepje bovenop gedaan door zich volledig over te geven aan de militairen in Algiers.
Marokko was volgens de documenten decennia lang economisch en militair in het nadeel in vergelijking met Algerije en Libië. Beide landen hadden olie en konden grote middelen mobiliseren tijdens de oorlog om de Sahara. Ze hadden tevens de wind in de rug dankzij de antikoloniale geest van die tijd. Maar het land heeft de storm overleefd. Kadhafi zou in 2011 worden vermoord. Algerije is al jaren failliet. En er kwam erkenning uit landen die voorheen de Sahara hebben gekoloniseerd: Spanje en Frankrijk. Ze hebben het voorbeeld van Donald Trump in 2020 gevolgd. Dat heeft niemand verwacht, ook niet de Amerikaanse diplomaten in de jaren 1980.
De vrijgekomen documenten zijn gepubliceerd onder de titel: Foreign Relations of the United States, 1981–1988, Volume XXIV, North Africa. Te raadplegen op de website History.state.gov.