Marokko heeft dorst, kunnen de rijken helpen?
Het tekort aan water is een groeiend probleem in Marokko. In steden als Casablanca (vier miljoen inwoners) is het tekort zo groot dat het filteren van zeewater de enige oplossing lijkt. De plannen voor een nieuwe ontziltinginstallatie zijn klaar maar de kosten zijn te hoog. Dure buitenlandse leningen zijn nodig tenzij lokale fondsen bereid zijn de kosten te dragen.
Daarvoor is in 2023 de nieuwe overeenkomst Charte d’Investissement getekend. Particuliere investeerders worden uitgenodigd om mee te doen aan grote projecten met toegevoegde waarde voor de nationale economie zoals duurzame energie, hoogwaardige technologie, kunstmatige intelligentie en het beheer van natuurlijke hulpbronnen zoals water. In 2027 zal blijken of de overeenkomst resultaten oplevert.
Maar toen Aziz Akhannouch, burgemeester van Agadir en premier van Marokko, afgelopen december een voorstel in het parlement deed om Akwa fonds de nieuwe ontziltingsinstallatie van Casablanca mede te laten financieren was er commotie ontstaan. Hij werd met Berlusconi vergeleken en kreeg in de media de bijnaam Akwaman naar het bedrijf Akwa van zijn familie.
De kritiek is misplaatst. De premier heeft sinds zijn verkiezing geen functie meer in het familiebedrijf. Een bedrijf opgericht opgericht trouwens in de jaren 1930 door zijn vader. Bovendien zijn er meer politici met eigen bedrijven. Moulay Hafid El Alami, voormalige minister van Industrie tussen 2013 en 2021, is miljardair geworden na het verkopen in 2018 van zijn verzekeringsmaatschappij aan het Zuid-Afrikaanse Sanlam.
Bankiersfamilie Benjelloun heeft net de toren Mohammed VI voltooid. Een mega bouwproject ten noorden van Rabat bedoeld voor bedrijfskantoren en hotels. De familie Othman Benjelloun is mede finacieerder van Le Matin, een staatskrant.
De grootste ondernemers met een publieke functie zijn de koning en zijn familie. In 2018 is het fonds Al Mada ontstaan als gevolg van een fusie met andere bedrijven van het Omnium Nord Africain (ONA) opgericht in 1920. Het fonds is actief in de energie, de financiële sector, de (mijn)bouw, de telecommunicatie en het toerisme. Het heeft de monopolie op de distributie van levensmiddelen.
In 2016 heeft tijdschrift Orient XXI een artikel gepubliceerd over belangenverstrengeling door de koning die hoge functionarissen van overheidsbedrijven zelf benoemt. Zijn familiebedrijf de Nationale Investeringsmaatschappij (SNI), opgericht in 1966, geniet voorkeursbehandeling bij het toewijzen van projecten in de publieke sector, aldus het artikel.
Meer fondsen hierboven niet genoemd doen nog weinig om miljoenen mensen in de steden en op het plateland van water te voorzien. Ze investeren liever in sectoren waar snel geld wordt verdiend. Ze laten het over aan buitenlandse investeerders. De overheid wordt zo gedwongen dure buitenlandse leningen af te sluiten die de gewone mensen terug moeten betalen via de belasting. Dat is niet nodig en het is een risico. Want water is een nationaal strategisch hulpbron waarvan het beheer niet in vreemde handen mag vallen.
Alvast een gelukkig nieuwjaar 2025.